Roeselare

Dinsdag23-01-20188:00 tot 18:00
Woensdag24-01-20188:00 tot 18:00
Donderdag25-01-20188:00 tot 18:00
Vrijdag26-01-20188:00 tot 18:00
Zaterdag27-01-2018Gesloten
Zondag28-01-2018Gesloten
Maandag29-01-20188:00 tot 18:00
Dinsdag30-01-20188:00 tot 18:00

Opglabbeek

Dinsdag23-01-20188:00 tot 17:00
Woensdag24-01-20188:00 tot 17:00
Donderdag25-01-20188:00 tot 17:00
Vrijdag26-01-20188:00 tot 17:00
Zaterdag27-01-2018Gesloten
Zondag28-01-2018Gesloten
Maandag29-01-20188:00 tot 17:00
Dinsdag30-01-20188:00 tot 17:00
Openingsuren Sluiten Wij zijn momenteel gesloten. Aanmelden

Essentaksterfte

Sinds 2010 (de eerste vaststelling in Vlaanderen) wordt het essenbestand bedreigd door de essenziekte.
Deze ziekte wordt veroorzaakt door een uit Azië afkomstige schimmel, Hymenoscyphus fraxineus, vroeger Chalara fraxinea genoemd.

Kenmerken van de essenziekte

De infectie van de boom gebeurt via blad, twijg of lenticellen.
Dit begint met het verkleuren en afsterven van een blad, bij verdere ontwikkeling leidt dit tot afsterven van kleinere twijgen. De schimmel zet zich vast in de bast van de twijg, brengt de sapstroom in het gedrang en veroorzaakt zo het afsterven van grotere takken tot ganse kronen.
Typisch zijn necrotische vlekken, in tinten gaande van geel-oranje tot paars-bruin; op de takken langwerpige dode plekken op de stam, bij de takbasis en een overvloedige zaaddracht die aan de bomen ongerijpt blijft hangen.

Vooral jonge bomen sterven vaak sneller aan de ziekte.
Oudere bomen kunnen meerdere jaren overleven en soms ook weer deels herstellen van een aantasting.

Door weersinvloeden is de ziektedruk het ene jaar groter dan het andere, een nat voorjaar en vochtige, warme zomers zijn gunstig voor de ontwikkeling van de schimmel.

Maatregelen

In kwekerijen kunnen planten preventief behandeld worden met een fungicide, maar in het openbare domein zijn er geen middelen beschikbaar om bomen op grote schaal tegen essentaksterfte te beschermen.
Ook bestaat er geen behandeling waarmee aangetaste bomen kunnen worden genezen.
Het diep wegsnoeien van aangetaste delen kan de zichtbare schade (tijdelijk) wegnemen, eventueel gevaar voor vallende takken voorkomen, en kan de hergroei vangezonde delen van de boom stimuleren. Dit is echter geen garantie dat de ziekte stopt: de schimmel kan zich immers reeds in de sapstroom van de plant bevinden. Door het toepassen van de juiste bodemsubstraten en de nodige microrhiza zou men de wortelgroei kunnen stimuleren en de weerstand van de boom versterken.

De meest ziektegevoelige soorten zijn net de soorten die meest aangeplant werden, nl. Fraxinus excelsior en Fraxinus angustifolia. Aanplanting van deze soorten en hun cultivars is stellig af te raden.

Minder gevoelige soorten zijn: Fraxinus ornus, americana en pennsylvanica

Alternatieven

Essen doen het prima op natte gronden met (tijdelijk) hoge grondwaterstanden.
Vaak kwijnen andere boomsoorten op dergelijke gronden weg, of blijven duidelijk in groei achter.
Deze soorten kunnen allicht een waardevol alternatief zijn in stedelijk gebied:

Carpinus betulus
Alnus cordata
Alnus glutinosa
Alnus incana
Liquidambar styraciflua
Liriodendron tulipifera
Nyssa sylvatica
Quercus palustris

Meer info over deze soorten en hun variëteiten vindt u in onze plantengids.

Schrijf u in op onze nieuwsbrief

Inschrijven